Marco Polo en China
De piñatas kunnen van oorsprong uit China gekomen zijn. Polo Marco ontdekte dat de Chinezen figuren van koeien, ossen en buffels maakten en die met gekleurd papier beplakten. De speciale kleuren verwelkomden traditioneel het Nieuwe Jaar. De figuren werden met zaden gevuld. Als men het figuur hard met stokken van diverse kleuren sloeg, stroomden de vruchtbare zaden eruit. Na het verbranden van de overblijfselen, verzamelden de mensen de as voor goed geluk in het komende jaar.
14de Eeuw: Italië en Spanje
Toen dit gebruik in de 14de eeuw Europa bereikte, paste men het aan de locale vieringen aan. De eerste zondag van het jaar werd Piñata-zondag. Het Italiaanse woord 'pignatta' betekent 'breekbare pot.'
Een oude Italiaanse 'pignatta'
Het gebruik waaide verder over naar Spanje. Daar noemde men de pinata 'La olla', het Spaanse woord voor pot. Aanvankelijk was de pot niet versierd. Later werden linten, nep-bladgoud en papier om de pot geplakt.
De Azteken
Aan het begin van de 16de eeuw gebruikten de Spaanse missionarissen in Noord-Amerika de piñata om bekeerlingen naar hun ceremonies aan te trekken. Maar de inheemse volkeren hadden al een gelijkwaardige traditie. Om de verjaardag van de Azteekse god van oorlog Huitzilopochtli te vieren, plaatsten de priesters een kleipot op een paal in de tempel, aan het eind van het jaar. Deze pot was verfraaid met kleurrijke veren en werd met kleine schatten gevuld. Wanneer het werd kapotgeslagen met een stok, vielen de schatten aan de voeten van het beeld van de god, als ware het een offer.
De Azteekse god van de oorlog, Huitzilopochtli
|
De Maya's
Maya's - grote liefhebbers van sport - speelden een spel waarbij de speler werd geblinddoekt terwijl hij een opgehangen kleipot stuk moest slaan. De missionarissen transformeerden deze spelen ingenieus tot godsdienstige instructies, waarmee zij de inheemse bevolking trachtten te bekeren. Zij bewerkten de traditionele pot met gekleurd papier, dat het een buitengewone, soms zelfs vreselijke verschijning had. De kleipot vertegenwoordigde Satan die vaak een aantrekkelijk masker droeg om mensen aan te trekken.
De meest traditionele piñata lijkt op een ster, met zeven punten, elk ervan met wimpels. Deze kegels vertegenwoordigen de zeven dodelijke zonden, pecados genaamd: hebzucht, gulzigheid, luiheid, trots, afgunst, woede en verlangen. Mooi en helder, verleidde de piñata de inheemse bevolking. De vulling van suikergoed en vruchten vertegenwoordigde de verleidingen van rijkdom en de aardse genoegens.
Zo reflecteerde de piñata de drie deugden van het katechisme.
1. De geblinddoekte deelnemer vertegenwoordigde de belangrijkste kracht in het tarten van kwaad: het geloof, die blindelings gevolgd moest worden. De mensen verzamelden zich dichtbij de speler en draaiden hem rond om zijn gevoel van richting te ontnemen. Soms wel drieëndertig keer. De stemmen van omstanders schreeuwen ter begeleiding: ¡Más Arriba! (Hoger!) ¡Abajo! (Lager!) ¡Enfrente! (Voor je!) Sommigen roepen misleidende kreten om de geblinddoekte te desorienteren.
2. De tweede deugd was hoop. Met een piñata hangende boven hun hoofd, keken de mensen naar de hemel hunkerend naar een beloning. De stok voor het breken van de pinata gesymboliseerde deugd, zoals slechts goed kwaad kan overwinnen. Zodra gebroken, vertegenwoordigden het suikergoed en de vruchten de beloning voor het houden van geloof.
3. Tot slot symboliseerde de piñata liefdadigheid. Met het uiteindelijke breken, werd iedereen beloond met de goddelijke zegen en de giften.
De piñata nu
Tegenwoordig hebben pinatas hun godsdienstige symboliek verloren en de meesten doen alleen aan het spel mee voor pret.
Piñatas zijn er in allelei vormen en maten. Tijdens Kerstmis, zijn stergevormde piñatas zeer populair. De veelzijdigheid van piñata draagt tot zijn eeuwigdurende populariteit bij. Gevormd vanuit een lange traditie gaat de vreugdevolle piñata verder de wereld rond.
|